03.05.2016
           

Ik heb nu een weekje vakantie, mijn man is met toeristen ijsvissen, maar door de snelle dooi, konden ze niet zo ver. In het bos is het al groen, er ligt nog wel ijs op de meren, maar je moet uitkijken bij de stukken waar de rivieren op uit komen.

Op dit moment schitterend weer, heldere lucht, 10 graden in de schaduw, maar in de zon een stuk warmer.

Ik kreeg vorige week te horen dat ik mijn huisje in Ivalo uit moet eind mei, ze hebben het zelf nodig, ik was die dag verdrietig, maar nu denk ik, als ik in september weer nieuw werk krijg, heb ik nog genoeg tijd om wat nieuws te zoeken, zo niet, dan blijf ik thuis. Mijn contract is eind mei afgelopen, dus dat komt goed uit.

                        

De dooi is hier snel gekomen, rivieren gaan stromen, in Ivalo zijn al stukken weg overgestroomd, het is niet te hopen dat het erger wordt, het is wel eens gebeurd, dat het hele dorp onder water stond, en de mensen gingen met de boot naar de winkel of hun werk.

De banden van de auto moeten weer verwisseld worden, en dan kan de zomer komen, mijn zoon komt 2e week van juni voor vakantie, mijn dochter blijft in Oulu, die heeft daar vakantiewerk in de bibliotheek.

2 weken geleden was ik met Jesse wandelen langs de weg, we zagen een groep rendieren de weg oversteken, ik heb netjes gewacht, totdat ze over waren, daarna ging ik weer verder, klinkt er ineens een boze stem ‘Ga weg daar’ ik dacht wat is dat nu, ik loop op de openbare weg, tegenwoordig mag je niets meer. De rendiermannen denken dat alles van hun is, in het hele bos staan hekken, en als je in de zomer lekker wil wandelen, moet je altijd op de buik er onderdoor. Het is net alsof ik in een groot hek woon, achter op de bergen staan hekken, en voor in de bossen. Die hekken staan daar om in de winter de rendieren naar de slacht te brengen.

Als de sneeuw helemaal is verdwenen kunnen we weer in het bos lopen, nu moet ik het nog met de weg doen jammer genoeg, er is alleen maar een rechts en linksaf, en op een gegeven moment gaat het vervelen.

         


         

    

    


   

 


    

    

    

         

         

     

         

          .

    

    

    


          

   

          

      

     

          




         

       


       




  


          

      



      

       

       

         

      

        

            

       

 

      

               

.

         .